LAKE BOGORIA, KENYA '02








 

 


Bevangen door hitte en natuurschoon bij Lake Bogoria (3)

Een kleine jongen drijft kuddes geiten en koeien over de weg. Bellen rinkelen en hier en daar blaat een magere geit. Verder is het stil. Aan weerszijden van de eindeloze weg ligt een dor landschap te blakeren in de zon. Wat rieten hutjes zijn het bewijs dat er mensen wonen in dit vergeten oord.

Bruin stof waait hoog op als de kuddes de weg oversteken en verkoeling zoeken in de schaduw van enkele acaciabomen. Hier en daar is nog wat groen te vinden, maar zal het genoeg zijn voor deze beesten om te overleven? Het is pas half acht in de ochtend, maar blijkbaar zijn alle matatu's van vandaag al gepasseerd. Ik ben te lang op de campsite blijven hangen. Het koste me moeite afscheid te nemen van de zonsopgang boven Lake Baringo en van de schitterende vogels die met elkaar een concert weggaven in de bomen. En eigenlijk vind ik het ook niet zo erg om nu langs de kant van de weg te moeten wachten op vervoer naar Marigat. Niet zolang ik kan genieten van dit pure stukje Afrika.

Lift naar Marigat
Een jeep verschijnt heel in de verte en komt even later vlak voor m'n voeten tot stilstand. Achter het stuur zit een corpulente Kenyaan die me meteen zijn hand toesteekt. Hij is verwonderd mij hier alleen aan te treffen. Wil ik misschien een lift ergens naar toe? Ik moet begrijpen dat de brandstof duur is, dus wat kan ik betalen? Het kost wat moeite om tot een overeenstemming te komen maar uiteindelijk zijn we het eens en kruip ik achterin. Zijn vrouw zit voorin en ook van haar krijg ik een hand. De man gooit zijn stuur om en we zetten koers naar Lake Bogoria. Hij vertelt een eigen safarionderneming te runnen bij Lake Baringo. De zaken lopen goed en als ik interesse heb kan hij wel zorgen voor een leuk prijsje, speciaal voor mij. Ik krijg een foldertje in m'n handen gedrukt met de prijzen en ik weet nu hoe deze mensen zo'n dure jeep kunnen betalen. Halverwege stoppen we even in Marigat. Ik speur het stadje af naar een matatu, dat is namelijk nog altijd stukken goedkoper dan een lift met deze jeep. Maar helaas, er is niets te vinden wat daar op lijkt. Bij Loboi Gate, één van de ingangen van het Lake Bogoria National Reserve, word ik afgezet. Ik bedank deze vriendelijke mensen voor de lift. Mocht ik nog eens langskomen, dan weet ik hen wel te vinden, toch?

Spartaanse herenfiets
Bij Papyrus Inn, een eenvoudig hotelletje bij de ingang van het park, regel ik mijn onderkomen voor de komende nacht en huur ik een fiets om het park te verkennen. Een spartaanse herenfiets met stang en uiteraard zonder versnellingen. Ik kan niet met mijn voeten bij de grond en dat is even wennen. Voor ik op weg ga, rij ik eerst een paar rondjes om er zeker van te zijn dat dit gaat lukken. Volgens mij ziet het er nogal dom uit, maar dat kan me weinig schelen. Lake Bogoria is één van de sodameren in de Rift Valley en wordt bevolkt door duizenden flamingo's die afkomen op het hoge zout- en mineralengehalte van het meer. Heel in de verte zie ik al een rozige gloed op het water. Langs de kant van de weg hebben antilopen mijn aanwezigheid opgemerkt en blijven stokstijf staan. De weg loopt naar beneden en m'n fiets maakt steeds meer snelheid. Afremmen blijkt niet eenvoudig en het duurt even voor ik tot stilstand ben gekomen. Maar de antilopen hebben zich natuurlijk al lang uit de voeten gemaakt. Ik kijk om me heen en het gevoel van vrijheid overweldigt me. Apen rennen voor me de weg over en verdwijnen in het struikgewas. Boven mijn hoofd zweeft een Ibis, vogeltjes kwetteren in de bomen en links naast mij ligt het diepblauwe meer.

Fanta en een gekookt eitje
De asfaltweg wordt slechter en slechter en het valt niet mee de enorme kuilen en gaten in het wegdek te ontwijken. M'n fiets rammelt aan alle kanten en flamingo's vliegen verstoord op. Ik begin een enorme dorst te krijgen, maar m'n water is al een tijdje op. Bij de hotsprings besluit ik te stoppen. Sissend stoom spuit de lucht in en ik voel de hete grond zelfs door m'n schoenen heen. Een aantal flamingo's zijn blijkbaar te dicht bij de hotsprings gekomen en liggen levenloos op de grond. Een aantal uur geniet ik van de schitterende omgeving. Dit is paradijselijk, bijna te mooi om realiteit te zijn. In de schaduw van een enorme boom kom ik bij en na een tijdje arriveert er een schoolklas. Na onderricht bij de hotsprings krijgen ze allemaal wat te eten en een flesje Cola of Fanta. Zonder drinken red ik het niet en ik besluit hen te vragen of ze misschien wat over hebben. Zou ik het mogen kopen? "Kom gezellig bij ons zitten!" Een van de jufs trekt een kleed voor me bij en een flesje Fanta wordt voor me open gemaakt. "Ga hier maar zitten. Wil je misschien ook een gekookt eitje?" De kinderen hebben allemaal een ei gekookt in het hete water bij de hotsprings. De hartelijkheid van de Afrikanen doet me steeds weer opnieuw versteld staan. De schoolklas vertrekt en ik blijf alleen achter.

Zonnesteek
Voor de zoveelste keer ben ik van m'n fiets gestapt. Dit gaat echt niet in deze verzengende hitte. Heen ging het wel, de weg liep naar beneden. Maar nu is het voortdurend klimmen. Verschillende auto's zijn me al gepasseerd. Het is eigenlijk m'n eer te na om een lift te vragen maar ik besef wel dat er niets anders op zit. Die dertien kilometer naar de uitgang haal ik nooit op deze manier. Ik stap weer op m'n fiets maar een halve minuut later sta ik er alweer naast. Ik zal toch geen zonnesteek oplopen of zoiets? Een jeep remt af en één van de twee jongens stapt uit. Wat doe ik hier? Een fietstocht om het meer? Wat vind ik daar leuk aan in deze hitte? Nee, eigenlijk vind ik het op dit moment ook helemaal niet leuk meer. Hij gooit m'n fiets achterin en daar gaan we, op weg naar de uitgang. De jongens willen van alles van me weten. Wat doe ik hier helemaal alleen in Kenya? Het zijn jongens van de Luo stam en ze wonen in Kisumu, bij Lake Victoria. Ze werken voor de Wereldbank en hebben hier een project lopen. Hun manier van communiceren is joviaal, open en extravert, totaal anders dan de rustige Kalenjin die wonen in Eldoret en omgeving. Bij Papyrus Inn drinken we nog even wat voor ze hun reis vervolgen naar Nakuru. Hierna bestel ik een warme hap en nog veel meer drinken. Nog nooit ben ik zo uitgedroogd geweest.

TERUG NAAR INDEX  |  LEES VERDER...


 
Afrikaverslaving.nl © Josine van der Wal 2006-2009 Laatste update: 30 december 2008